Veiligheid

Veilig werken aan elektra: de 5 basisregels

3 min lezen

Schakel spanning af, controleer spanningsloosheid en gebruik passend gereedschap voordat je begint.

De meeste ongevallen met elektra ontstaan niet door onwetendheid, maar door routine. Deze vijf regels zijn de basis — en ze gelden ook, of juist, voor wie het werk dagelijks doet.

1. Schakel spanningsvrij

Schakel de betreffende groep uit én de hoofdschakelaar waar dat kan. Een groep uitschakelen is niet hetzelfde als de installatie spanningsvrij maken.

2. Beveilig tegen opnieuw inschakelen

Zorg dat niemand anders de spanning terugzet terwijl jij aan het werk bent. Vergrendel de schakelaar of hang er een duidelijke markering bij.

3. Controleer of het écht spanningsloos is

Meet het. Vertrouw niet op het schakelbeeld of op je geheugen van de kastindeling. Controleer je meetinstrument voor en na de meting op een bekende spanningsbron.

4. Gebruik passend gereedschap

Geïsoleerd gereedschap, in goede staat. Beschadigde isolatie op een schroevendraaier is geen schoonheidsfoutje.

5. Ken je grens

Werk aan de meterkast, aan de aansluiting van de netbeheerder of aan installaties waar je de opbouw niet van kent, hoort bij een vakbekwaam installateur. Twijfel je of iets binnen je kunde valt, dan is dat het antwoord.